zaterdag 27 januari 2018

Neil Young - Crime In The City (Sixty To Zero, Part 1)"

 



 Na een hoop gedoe met platenmaatschapij Geffen Records ,keerde Neil Young in 1988 terug naar het label Reprise. Prima keuze en een uitstekende come-back met het album Freedom.Prijsnummer natuurlijk "Rocking in a Free World" maar mijn favoriete nummer is toch "Crime in The City"



 Allmusic recensent Matthew Greenwald schreef:"strong praise for the second track, "Crime in the City", calling it "undoubtedly the centerpiece of the album", "cinematic in scope", and "one of Neil
 Young's most accomplished works"

                               
                            

vrijdag 26 januari 2018

Bob Dylan - Love Minus Zero/If Not For You (Concert for Bangladesh)

The Concert for Bangladesh was the name given to two benefit concerts organised by former Beatles lead guitarist George Harrison and Indian sitar master Ravi Shankar. The concerts were held at 2:30 and 8:00 pm on Sunday, 1 August 1971, at Madison Square Garden in New York City.


CFBD from Lucky Wilbury on Vimeo.

 The event was the first time that a benefit concert made such a profound impact. The show was a remarkable display of fraternity among musicians and this is where Bob Dylan made a jaw-dropping entrance and performance after taking a break for a while. According to the audience and Harrison's envisage, Bob Dylan's performance was the crowning glory of the Concert for Bangladesh. Dylan played five of his decade-defining and most popular songs from the 1960s, with the help of George Harrison on the backup vocals, Russell on Bass and Ringo Starr on tambourine.


 The songs that he performed were "A Hard Rain's A-Gonna Fall", "It Takes a Lot to Laugh, It Takes a Train to Cry", "Blowin' in the Wind", "Mr. Tambourine Man", and  "Just Like a Woman". These decade-defining songs each have a profound meaning attached that can only be made complete sense out of by purists. Here are some of the photos from the historic event.

maandag 22 januari 2018

Terry Evans - (August 14, 1937 – January 20, 2018) R.I.P.

                                                             
Terry Evans (August 14, 1937 – January 20, 2018) was an African American R&B, blues, and soul singer, guitarist and songwriter. He worked with many musicians including Ry Cooder, Bobby King, John Fogerty, Eric Clapton, Joan Armatrading, John Lee Hooker, Boz Scaggs, Maria Muldaur and Hans Theessink.[2][3] Cooder stated that he always thought that Evans made a better "frontman."[3]
Between 1994 and his death, Evans released seven solo albums, including Blues for Thought (1994) Come to the River (1997) and Fire in the Feeling (2005).[2] Evans' career was inspired by Elmore James, Little Walter, Albert King, and B.B. King.

     Down In Mississippi

Cooder stated that he always thought that Evans made a better "frontman." Between 1994 and his death, Evans released seven solo albums, including Blues for Thought (1994) Come to the River (1997) and Fire in the Feeling (2005). Evans' career was inspired by Elmore James, Little Walter, Albert King, and B.B. King.


NINA SIMONE (Tryon, North Carolina, 21 februari 1933 - Carry-le-Rouet, Frankrijk, 21 april 2003)

Eunice Kathleen Waymon, beter bekend als Nina Simone (Tryon, North Carolina, 21 februari 1933 - Carry-le-Rouet, Frankrijk, 21 april 2003) was zangeres, schrijfster en pianiste. Ze wordt vooral gerekend tot de jazzmuzikanten, maar had zelf een hekel aan deze term. In haar werk zijn ook de invloeden van blues, rhythm and blues en soul te horen.


Simone werd geboren in Tryon, North Carolina, als één van acht kinderen. Zoals een aantal andere Afro-Amerikaanse artiesten, werd ze geïnspireerd door Marian Anderson en begon ze te zingen in de plaatselijke kerk, waarbij ook haar bijzondere talenten achter de piano zichtbaar werden. Toen ze op 10-jarige leeftijd debuteerde bij een pianoconcert moesten haar ouders, die op de voorste rij waren gaan zitten, plaatsmaken voor blanken. Dit incident zorgde ervoor dat Simone later betrokken raakte bij de Amerikaanse Civil Rights Movement van Martin Luther King.
Toen ze zeventien was, vertrok Simone naar Philadelphia, waar ze pianoles gaf en andere artiesten begeleidde. Dankzij sponsorgelden van weldoeners kon ze het pianospelen verder leren op de prestigieuze Juilliard School of Music in New York City. Door een gebrek aan fondsen kon ze echter niet als eerste Afro-Amerikaan een pianoconcert geven. Later solliciteerde ze bij het Curtis Institute, waar ze werd afgewezen, volgens Simone omdat ze zwart was, maar waarschijnlijker is dat de vrije en impulsieve geest die Simone was niet goed paste in het strakke keurslijf van de klassieke muziek en gaf het Curtis Institute Simone het welgemeende advies haar talenten in blues en jazz te gebruiken. Simone is haar pianospel altijd blijven doorweven met flarden klassiek waarbij Bach en Chopin het vaakst voorkwamen. Zelf zei Simone daarover "best of both worlds, if I feel it I need to play it"
In plaats daarvan koos Simone voor blues en jazz, nadat ze begon te werken in een nachtclub in Atlantic City. In 1954 nam ze de naam "Nina Simone" aan - "Nina" was de koosnaam van haar vriendje voor haar (Spaans voor "meisje") en "Simone" verwees naar de Franse actrice Simone Signoret. Het publiek merkte haar voor het eerst op in 1959 door haar hartverscheurende vertolking van George Gershwins "I loves you Porgy" (uit de musical Porgy and Bess), wat uiteindelijk haar enige top-40-hit in de Verenigde Staten bleek te zijn.


I LOVES YOU ,PORGY

De hit werd gevolgd door "My baby just cares for me", wat in 1987 opnieuw een hit werd (waaronder #1 in Nederland), doordat het gebruikt werd in een televisiecampagne voor Chanel No. 5-parfum. Haar grootste hit in Nederland, "Ain't got no - I got life", werd in 1998 opnieuw uitgebracht, nadat het gebruikt werd in een reclame voor Amev-verzekeringen. De inspanningen van Nina's echtgenoot en manager Andrew Stroud hebben er voor gezorgd dat Nina wereldwijd een ster werd.


AIN,TGOT NO-I GOT NO LIVE
In de jaren zestig was Simone betrokken bij de burgerrechtenbeweging en nam ze een aantal politieke nummers op, waaronder "To be young, gifted and black" (later gecoverd door Aretha Franklin en Donny Hathaway), "Backlash blues," "Mississippi goddam" (een reactie op de moord op Medgar Evers en het bombardement op een kerk in Birmingham (Alabama) waarbij vier zwarte kinderen gedood werden), "I wish I knew how it feels to be free" en Kurt Weill's "Pirate Jenny", dit keer gesitueerd in een hotel in het zuiden.


To be young gifted and BlackIn 1961 nam Simone haar versie op van het traditionele lied "The House of the Rising Sun", een nummer dat later opgenomen werd door Bob Dylan en een hit werd in de versie van The Animals. Andere liedjes waar ze bekend van is zijn "I put a spell on you" (origineel van Screamin' Jay Hawkins), "Here comes the sun" van The Beatles, "Four women", "I shall be released" (ook van Bob Dylan) en "Ain't got no - I got life". Nina's veelzijdigheid als artiest bewees ze met haar muziek, die door haar eenvoud aan de folkmuziek deed denken. In één enkel concert kon ze gemakkelijk overgaan van gospel-georiënteerde muziek naar blues en jazz



FOUR WOMAN

De scheiding van Nina met haar echtgenoot en manager Andrew Stroud heeft de basis onder haar bestaan weggeslagen en zij verbrak de banden met RCA, haar platenmaatschappij sinds 1966. Kenmerkend is dat Nina erop stond dat haar laatste plaat met RCA "It is finished" als naam kreeg. Later begreep RCA waarom. Nina wilde in deze periode eigenlijk geen concerten meer geven maar gebrek aan geld dwong haar toch nu en dan het podium op. Uiteindelijk vertrok Nina naar Afrika en verbleef daar enige jaren, zonder op te treden. In 1976 door geldgebrek gedwongen kwam ze terug naar Europa. Nina vond Claude Knobs van het Montreux Jazzfestival bereid haar in te passen in het reeds overvolle programma van zijn festival. Nina zou een concert van 20 minuten doen en kreeg ook betaald voor 20 minuten. Het concert duurde echter meer dan een uur en Nina toonde op verbijsterend mooie wijze haar emotionele en muzikale genialiteit in de song "Feelings" Van dit concert is een dvd in de handel met de naam "Nina Simone live at Montreux 1976"


FEELINGS ( MONTREUX1976)

In 1971 verliet Simone de Verenigde Staten na onenigheid met managers, platenmaatschappijen en de belastingsdienst. Het racisme gaf ze ook als reden om te vertrekken. Ze kwam in 1978 terug en werd gearresteerd voor belastingontduiking (ze weigerde een aantal jaren belastbaar inkomen op te geven als protest tegen de Vietnamoorlog). Ze heeft in verschillende landen gewoond, zoals de Caribische eilanden, Afrika, Zwitserland, Nederland van 1988 tot 1990 in de Graadt van Roggenstraat te Nijmegen en daarna tot 1992 aan de Jan van Goyenkade te Amsterdam, Frankrijk van 1992 tot 1999 in Rue Renée Cassin te Bouc Bel Air en van 1999 tot haar dood in Carry le Rouet en ging door met optreden tot ze 68 was. In 1983 en 1984 trad ze regelmatig op in de Ronnie Scott's jazzclub in Londen.


Live at Ronny Scott
In de muziekwereld had ze de reputatie lastig en wispelturig te zijn. Simone zelf probeerde dit beeld van haar altijd recht te zetten alhoewel ze erkende te lijden onder haar impulsiviteit en emotionaliteit die haar soms dingen deed doen die ze eigenlijk niet wilde doen. Deze emotionaliteit/impulsiviteit was tevens een van de eigenschappen die haar concerten zo boeiend maakte, haar muzikale genialiteit werd dan vaak gestuurd door overweldigende emotie waarmee ze middels haar bijzondere pianospel en haar markante stemgeluid de ziel van haar toehoorders raakte, een zaal vol swingende en dan weer huilende toeschouwers was geen uitzondering. In de nadagen van haar loopbaan keek ze tijdens optredens vaak terug op gebeurtenissen in haar carrière, waaronder haar soms bijzondere eisen. Simones koninklijke eisen en gedrag op het podium leverde haar de titel "High Priestess of Soul" op. Nina moest zelf niets van die titel hebben, I play "black classical music" and my name is Nina Simone.



Nina overleed 2e paasdag 2003 in haar huis in Carry le Rouet aan de gevolgen van borstkanker.





zondag 21 januari 2018

Al Kooper & Shuggie Otis - Kooper Sessions

 The legendary keyboardist and bandleader Al Kooper featured Otis on a follow-up to his Super Session album with Michael Bloomfield and Stephen Stills entitled Kooper Session: Al Kooper Introduces Shuggie Otis. This record contained a number of highlights including "12:15 Slow Goonbash Blues" and "Shuggie's Shuffle," proving that Shuggie could improvise in a seemingly unending creative stream. Shuggie appeared to have everything that a young virtuoso needed: tone, touch, ideas, dynamics, chops, velocity, intensity and emotional content. (By Peter Parcek)

                 One Room Country Shack

 Al Kooper (born Alan Peter Kuperschmidt; February 5, 1944) is an American songwriter, record producer and musician, known for organizing Blood, Sweat & Tears (although he did not stay with the group long enough to share its popularity), providing studio support for Bob Dylan when he went electric in 1965, and also bringing together guitarists Mike Bloomfield and Stephen Stills to record the Super Session album. He has had a successful solo career since then, written music for film soundtracks, and has also lectured in musical composition. He continues to perform live


                 12&15 Slow Goonbash Blues

 Born Johnny Otis, Jr. on November 30, 1953, in Los Angeles, CA, Otis' formidable musical talents appeared at an early age. He began his professional career around 1965. He played a guitar solo on his bandleader, father Johnny Otis' 1969 number 29 R&B hit, "Country Girl," issued by Kent Records. His guitar skills were so adept that during his teen years, he would have to wear dark glasses and strategically apply black ink between his nose and mouth to appear old enough to perform in clubs with his father.(All Music)

 .
                 Shuggie,s Shuffle

Other musicians on the album :Stu Woods- bass,Wells Kelly -drums,Mark Klingman - piano andThe Harris Robinson singers